U bent hier: startpagina»Organisatie v/h onderwijs

Organisatie v/h onderwijs

Aannamebeleid

Alle scholen in de gemeente Enschede hanteren de volgende afspraken:

Aannamebeleid 4-jarigen

  • kinderen kunnen worden toegelaten op de dag van hun 4e verjaardag. Dat is wettelijk geregeld
  • 3-jarigen mogen een aantal keren (op de Alfonsusschool twee keer) voor hun vierde verjaardag komen kennismaken, in de laatste 2 maanden voor ze 4 jaar worden.
  • kinderen die 4 jaar worden in de laatste 4 weken van het schooljaar worden toegelaten ná de zomervakantie. Omdat de aanvang van de zomervakantie per jaar wisselt, betekent dit voor de Alfonsusschool dat kinderen die na 1 juni 4 jaar worden beginnen op de 1e schooldag van het nieuwe schooljaar.

Aannamebeleid in andere gevallen

  • wanneer kinderen gedurende een schooljaar verhuizen naar een andere buurt, kunnen ze op een nieuwe school worden aangenomen
  • wanneer ouders om een andere reden dan verhuizing hun kind lopende een schooljaar willen aanmelden op een andere school, kan dit alleen na overeenstemming hierover tussen de directeuren van de betreffende scholen.

Jaargroepen

Er wordt lesgegeven aan kinderen in de leeftijd van 4 – 12 jaar. Als uitgangspunt wordt het leerstofjaarklassensysteem gehanteerd, waarbij kinderen op grond van hun leeftijd in jaargroepen worden ingedeeld. Binnen deze groepen wordt veel aandacht besteed aan de eigenheid van ieder kind. Aangepast werk voor de kinderen die meer of minder kunnen (zorgkinderen) is een dagelijks terugkerende activiteit. Indien nodig zal, in overleg met de interne begeleider, een handelingsplan worden opgesteld. De ouders worden geïnformeerd over dit handelingsplan. (Onder zorgkinderen vallen ook de ++ kinderen en hoogbegaafde kinderen)
Leerkrachten vinden hierbij ondersteuning van de interne begeleider, leerkrachten die zich verdiept hebben in het begeleiden van bovengenoemde kinderen; zij zijn een aantal dagdelen per week beschikbaar, zodat zij ook onder schooltijd kinderen en leerkrachten kunnen begeleiden.

- Groepsgrootte en verdeling in groepen

De groepsgrootte is afhankelijk van het totaal aantal leerlingen en het aantal groepen dat gemaakt kan worden. Aan het eind van ieder schooljaar wordt het aantal groepen en het aantal leerlingen per groep zorgvuldig vastgesteld voor het komende jaar. In het formatie- en activiteitenplan van onze school staat precies aangegeven hoe de verdeling is.
Soms komt het voor dat groepen bij wisseling van een schooljaar opnieuw verdeeld moeten worden. Deze verdeling gebeurt met de allergrootste zorg en in overleg met de leerkracht(en), de intern begeleider en de directie. De verdeling vindt plaats aan de hand van een aantal criteria zoals o.a.: de specifieke leerlingkenmerken, vriendjes/vriendinnetjes op basis van een sociogram en verdeling jongens en meisjes. De ouders/verzorgers worden elk jaar middels een brief op de hoogte gesteld van de verdeling in groepen.
In de onderbouw, leerjaar 1 t/m 4, proberen we de groepen zo klein mogelijk te houden. Extra middelen worden dan ook in deze groepen ingezet. Groepen van meer dan dertig leerlingen zullen normaal gesproken in de onderbouw niet voorkomen. In het leerjaar 5 t/m 8 kan dit wel het geval zijn.
Het formatieplan wordt in overleg met de medezeggenschapsraad opgesteld.

Combinatieklassen

Op de Alfonsusschool zijn combinatiegroepen: een groep 6-7 en vier groepen 1-2. Combinatiegroepen worden gemaakt op onderwijskundige en organisatorische redenen.

Het schoolteam

De Alfonsusschool maakt deel uit van de Stichting Katholiek Onderwijs Enschede(SKOE).
Het aantal leerlingen bepaalt in hoofdzaak het aantal leerkrachten dat aan een school aangesteld kan worden en daarmee wordt weer het aantal groepen bepaald.
Het schoolteam bestaat uit de schoolleiding (directeur en adjunct-directeur), groepsleerkrachten en specialisten.
Er werken ruim 20 leerkrachten op onze school.

De groepsleerkracht

De groepsleerkracht heeft de verantwoordelijkheid voor een groep. Soms deelt men die verantwoordelijkheid met iemand anders. De leerlingen hebben dan les van twee leerkrachten. Dit kan het geval zijn indien een leerkracht in deeltijd werkt, of wanneer een leerkracht naast lesgevende taken ook nog andere taken binnen school uitoefent. Iedere leerkracht heeft binnen het team ook andere taken. Met een vrij groot team kun je vaak een beroep doen op specifieke kwaliteiten van leerkrachten. Zo is de één meer bekwaam in het samenstellen van de schoolkrant en een ander in de begeleiding van de ICT.

De specialisten

Een aantal leerkrachten houdt zich bezig met specifieke taken.

  • Twee leerkrachten coördineren het computergebruik op school.
  • De bouwcoördinatoren die de onder-, midden- en bovenbouw coördineren en in samenspraak met de directie en de IB-er mede de schoolorganisatie richting geven.
  • De interne begeleiding wordt door twee interne begeleiders (IB-ers) uitgevoerd. De IB-ers hebben de werkzaamheden verdeeld in onderbouw en bovenbouw en werken nauw met elkaar samen.
  • De vakleerkracht bewegingsonderwijs zorgt voor het bewegingsonderwijs bij ons op school.
  • De conciërge heeft bij ons een weektaak; hij maakt zich verdienstelijk door op velerlei terrein werkzaam te zijn.
  • Een contactpersoon ongewenste intimiteiten.
  • Interne stage begeleiders die zorg dragen voor de begeleiding van de Pabo studenten
  • Negen bedrijfshulpverleners.
  • Een administratieve kracht.

De schoolleiding

De leiding van de school berust bij de directie. Deze is samengesteld uit de directeur en de adjunct-directeur.
De directeur is de eerst verantwoordelijke, bij diens afwezigheid neemt de adjunct-directeur haar taken waar. Beiden zijn vrijgesteld van lesgevende taken.

Activiteiten voor kinderen

Activiteiten in leerjaar 1 en 2.

Op de Alfonsusschool zijn ontwikkelingsleerlijnen voor de jongste kinderen vastgesteld en vastgelegd. Hiervoor wordt Schatkist gebruikt. Het betreffen ontwikkelingslijnen op het gebied van:

  • taalontwikkeling (ontluikende geletterdheid/fonemisch bewustzijn)
  • taal/denken
  • auditieve waarneming
  • rekenen (ontluikende gecijferdheid)
  • ruimtelijke oriëntatie
  • visuele waarneming
  • motorische ontwikkeling (grove en fijne motoriek/voorbereidend schrijven)
  • muzikale ontwikkeling
  • sociale ontwikkeling

Deze ontwikkelingsleerlijnen komen gedurende leerjaar 1 en 2 in de diverse speelwerkthema’s (zie verder) aan bod. De leerkracht houdt een registratie bij m.b.t. de leerlijnen.
We proberen een dusdanige omgeving aan te bieden die kinderen uitnodigt tot ontwikkeling.
Er wordt gewerkt vanuit een (speelwerk)thema. Deze thema’s worden enerzijds door de leerkrachten gekozen, anderzijds vanuit de belevingswereld van de kleuter. De leerkracht speelt daarop in, door te zorgen dat er veel materiaal is dat de kleuters uitdaagt om te leren. Het materiaal wordt zowel klassikaal als in subgroepen aangeboden.

De vormingsgebieden die in groep 1 en 2 aan bod komen zijn:

  • Taalvorming
  • Bewegingsvorming
  • Muzikale vorming (expressie).
  • Werken met ontwikkelingsmateriaal.

De leerlijnen vormen een ‘rode draad’ in de diverse vormingsgebieden. De volgorde waarin de vormingsgebieden aan bod komen wordt bepaald door de leerkracht, waarbij de totaaltijd per week en per vormingsgebied vastligt.
Binnen deze vormingsgebieden neemt de sociaal emotionele ontwikkeling van de kleuters een centrale rol in.
De middagen zijn, in tegenstelling tot de ochtenden, bestemd voor vrije keuzes; d.w.z. dat de kleuters veelal zelf bepalen met welk materiaal ze werken. De vorderingen van de leerling, waarbij gebruik gemaakt wordt van observatielijsten, worden bijgehouden in een leerling-map en drie keer per jaar besproken met de ouders op de tien-minutenavond.
Eventueel vindt er een huisbezoek plaats.
Kinderen die extra aandacht verdienen, omdat ze zich niet gezien hun leeftijd voldoende ontwikkelen, krijgen extra hulp. Er vindt dan altijd overleg met ouders plaats.
Kinderen die zich sneller dan andere ontwikkelen, krijgen ook zoveel mogelijk kansen zich te ontwikkelen. De inrichting van diverse heoeken komt  onder andere aan de mogelijkheden van deze kinderen tegemoet.

Basisvaardigheden

(lezen, schrijven, taal en rekenen)

Vanaf leerjaar 3 komen de basisvaardigheden structureel aan de orde. De aanbieding ervan is methodegebonden.
Keuze van methodes is mede gebaseerd op de mogelijkheid van differentiatie.

Lezen* Taal* Rekenen Schrijven

Groep 1-2 schatkist schatkist schatkist
Groep 3 veilig leren lezen wereld in getallen handschrift
Groep 4 leeswerk/ik weet wat ik lees taal actief wereld in getallen handschrift
Groep 5 leeswerk/ik weet wat ik lees taal actief wereld in getallen handschrift
Groep 6 leeswerk/ik weet wat ik lees taal actief wereld in getallen handschrift
Groep 7 ik weet wat ik lees taal actief wereld in getallen handschrift
Groep 8 ik weet wat ik lees taal actief wereld in getallen handschrift

Opmerkingen:

  • Veilig Leren Lezen; de nieuwste versie wordt in schooljaar 2008-2009 ingevoerd.
  • Taalonderwijs is op meerdere aspecten gericht, o.a. foutloos schrijven; goed formuleren; aandachtig luisteren; ontleden. Taal Actief is een nieuwe taalmethode die aansluit bij Veilig Leren Lezen. Begin schooljaar 2008-2009 wordt er een nieuwe leesmethode aangeschaft.
  • Wereld in getallen is een nieuwe realistische rekenmethode. Basis is inzicht krijgen bij het oplossen van rekenopdrachten.
  • We hechten veel waarde aan een mooi handschrift. Handschrift is een schrijfmethode.

In groep 3 schrijven de kinderen met potlood. In groep 4 jaar schrijven de kinderen met een vulpen. Deze wordt door school aangeschaft. Deze vulpen gebruiken de kinderen tot en met groep 8.

Wereldoriënterende vakken

(aardrijkskunde, natuurkunde- biologie, geschiedenis en verkeer)

In de leerjaren 1 t/m 4 worden aardrijkskunde en geschiedenis niet afzonderlijk gegeven. Er worden in deze leerjaren onderwerpen behandeld die voor jonge kinderen interessant zijn.

Aardrijkskunde  Geschiedenis Natuurkunde/biologie

Groep1-2 Vier seizoenenboek/projecten
Groep 3 Leefwereld
Groep 4 Leefwereld
Groep 5 Een wereld van verschil Wijzer door de tijd Leefwereld
Groep 6 Een wereld van verschil Wijzer door de tijd Leefwereld
Groep 7 Een wereld van verschil Wijzer door de tijd Leefwereld
Groep 8 Een wereld van verschil Wijzer door de tijd Leefwereld

Verkeer

Groep1-4 Rondje verkeer
Groep 5-6 De verkeerskrant ‘Op voeten en fietsen’
Groep 7-8 De jeugdverkeerskrant

De kinderen van groep 8 nemen deel aan het praktisch en theoretisch verkeersexamen.
Daarnaast is er op school een techniekwerkgroep die het techniekonderwijs nader gestalte zal gaan geven.

Expressieactiviteiten

Hieronder vallen tekenen, handvaardigheid, dramatische vorming en muziek.

Tekenen en handvaardigheid kunnen ook worden gegeven in de vorm van creatieve middagen waarin alle aspecten aan bod komen. Hierbij schakelen we de hulp van ouders in. Muziek en dramatische vorming zijn activiteiten die in alle groepen plaatsvinden.
Voor alle expressievakken gebruiken we de methode ’Moet je doen’. ( Muziek moet je doen, drama moet je doen etc.) Tevens doen groepen mee aan projecten van het Cultureel Centrum.
Expressieactiviteiten spelen een belangrijke rol in onze school. Een kind moet zich kunnen uiten op velerlei manieren. We willen de kinderen met zoveel mogelijk technieken in aanraking laten komen. Die mogelijkheid krijgen ze vooral tijdens de expressiemiddagen, waarop ze zich kunnen
inschrijven voor de verschillende workshops. Extra deskundigheid wordt voor deze expressiemiddagen in de school gehaald.
Bovendien maakt de school gebruik van het aanbod kunsteducatie van de Stichting Concordia.
(Zie hoorvoor ook: Alfonsusschool, kunst en cultuurschool)
Ook muzikale activiteiten spelen een belangrijke rol in onze school.
In groep 5 kunnen de leerlingen die dat willen blokfluitles krijgen. Bovendien heeft onze school sinds het schooljaar 2002/2003 een eigen schoolkoor.
Verder organiseert de school een muziekweek en neemt de school deel aan projecten, die opgezet zijn door de Muziekschool. De school is tevens stageschool voor conservatoriumstudenten.

Bewegingsonderwijs

Per groep is er een jaarprogramma vastgesteld. De kinderen maken gebruik van het gymnastieklokaal en speellokaal.
Vanaf groep 3 hebben de kinderen één keer per week les van de vakleerkracht en de andere les wordt gegeven door de eigen leerkracht. (Zie hiervoor ook het protocol Bewegingsonderwijs).

Cultuureducatie: Alfonsusschool Kunst- Cultuur- en Muziekschool

(uit: Kunst- en Cultuurplan Alfonsusschool)

Cultuureducatie is een essentieel onderdeel van het onderwijs op de Alfonsusschool omdat we ons geen ontwikkeling van jonge mensen kunnen voorstellen zonder kennismaking met cultuuruitingen, actuele en historische, vertrouwde en minder vertrouwde. Toch vinden wij kennismaken een té vlakke uitdrukking.
Het ontwikkelen van creativiteit is een belangrijke doelstelling van het onderwijs op onze school. Daarom spelen expressieactiviteiten al jaren een hele belangrijke rol in onze school en willen wij ons profileren als kunst en cultuurschool.
Wij willen de kinderen van de Alfonsusschool:

  • de gelegenheid geven zich te kunnen uiten op velerlei manieren.
  • de gelegenheid geven met vele technieken in aanraking te komen.
  • laten kennismaken met kunst en culturele aspecten in hun leefwereld.
  • laten kennismaken met aspecten van cultureel erfgoed waarmee mensen in de loop van de tijd vorm en betekenis hebben gegeven aan hun bestaan.
  • enige kennis bijbrengen van de hedendaagse kunstzinnige en culturele diversiteit.
  • zó begeleiden dat ze zich open stellen, bewuster kijken naar schilderijen en beelden, luisteren naar muziek, genieten van taal en beweging.
  • waardering bijbrengen voor culturele en kunstzinnige uitingen en hun leefomgeving.
  • ruimte geven voor individuele ontwikkeling door het opdoen van persoonlijke, vormende ervaringen.
  • gelegenheid bieden om te scheppen.
  • mengvormen aanbieden voor het stimuleren van individueel en gemeenschappelijk leren.
  • inspiratie aanreiken uit vele culturen.
  • plezier laten beleven in het ervaren, creëren, vervaardigen en musiceren.
  • leren zichzelf te uiten zowel verbaal als creatief, leren een eigen keuze te maken en ruimte te bieden voor eigen initiatief. Dit met aan het kunstzinnige domein ontleende middelen:

Dit alles vergroot de betrokkenheid van kinderen, leerkrachten én ouders. Deze laatste spelen bij elke culturele en kunstzinnige activiteit een belangrijke, zinvolle rol en dragen mede bij aan een goed eindresultaat.

Natuureducatie

In alle groepen wordt er naast de methode voor natuuronderwijs de nodige aandacht besteed aan natuureducatie in meer praktische zin. Hierbij worden we ondersteund door de werkgroep ‘Natuurouders’. Elk jaar ontwikkelen zij in overleg met de leerkrachten, een programma waarin natuuronderwijs in diverse vormen aan bod komt. Als activiteiten voor dit schooljaar staan gepland: een paddenstoelentocht o.l.v. een IVN gids, Heembostocht in het Ledeboerpark, ‘Leven op een Twentse boerderij’ in het Lammerinkswönner, bezoek melkveehouderij, bezoek Museum Piet Bos in Holten, nestkastjes maken, bezoek sterrenwacht, vlinderproject, leskist Wadden, Bijenles en twee projectweken over ‘Planeten’ met een afsluitende tentoonstelling.

Techniek

Techniek moet een structurele plek krijgen in het basisonderwijs. Dit omdat techniek bij uitstek een middel is om een eigentijdse, aantrekkelijke en motiverende leeromgeving voor kinderen te creëren. Daarnaast is het belangrijk dat kinderen een realistisch beeld krijgen wat de betekenis van techniek en technologie is voor de maatschappij, zodat een eventuele keuze voor techniek in het voortgezet onderwijs een interessante en volwaardige optie wordt.

Op de Alfonsus is techniek een onderdeel van het natuuronderwijs.

Speciale voorzieningen

Naast het hoofdgebouw hebben we een twee lokalen in de Roef (aan de overzijde van de school)
In het hoofdgebouw zijn onderstaande voorzieningen te vinden:

De personeelskamer, het kantoor van de IB-er en ICT-er, het kantoor van de directie en een ruimte voor remedial teaching annex orthotheek.
De orthotheek is de ruimte waar veel boeken, extra materiaal en toetsen te vinden zijn, die gebruikt kunnen worden voor leerlingen met problemen bij het lezen, rekenen en taalactivitieten. In de hal van de school vinden allerlei activiteiten plaats zoals vieringen, weekopeningen en het overblijven.

Gebruik computers

In alle groepen staan minimaal 4 computers die aangesloten zijn op het netwerk. Programma’s ondersteunen de lessen in rekenen, taal, lezen en wereldverkenning. Ook voor internationale contacten worden de computers ingezet.
Internet en e-mail behoren ook tot de mogelijkheden. De school heeft een protocol opgesteld over de omgang met internet door de kinderen. Tevens is de volledige schooladministratie en het leerlingvolgsysteem geautomatiseerd met computerprogramma’s.